Terugblik en casusagenda
De facilitator koppelt de perspectieven uit sessie 1 aan de praktijksituaties die verdieping vragen.
Sessie 2
De geselecteerde praktijksituaties worden verdiept en vertaald naar competenties, ontwerpcriteria en een eerste learning journey.
Context
Deze sessie combineert de tweede helft van de casusverdieping met de kern van het co-design. Deelnemers werken casussen uit, benoemen leerbehoeften en spanningsvelden, bepalen ontwerpcriteria en schetsen een concept-learning journey voor een passend LLO-aanbod.
SMART-doel
Aan het einde van sessie 2 hebben de deelnemers minimaal 3 praktijksituaties uitgewerkt tot leer- en ontwikkelbehoeften, competentieclusters en spanningsvelden. Op basis daarvan hebben zij ontwerpcriteria opgesteld en een eerste concept-learning journey geschetst die in sessie 3 wordt uitgewerkt, beoordeeld en geborgd.
Timeline
De sessie begint bij concrete casussen en eindigt met een eerste route voor het LLO-aanbod.
| Tijd | Stap | Activiteit | Opbrengst |
|---|---|---|---|
| 0-15 min | Terugblik en casusagenda | Perspectieven en geselecteerde praktijksituaties uit sessie 1 hernemen. | Gedeelde focus voor verdieping en ontwerp. |
| 15-50 min | Situaties uitwerken | Per situatie context, rollen, aanleiding, handelingsvraag, kennisvraag, oordeelsvraag en verandervraag beschrijven. | Uitgewerkte Case Learning Canvassen. |
| 50-80 min | Leerbehoeften expliciteren | Vertalen naar weten, kunnen, beoordelen, bespreken en begeleiden. | Competentiegerichte leerbehoeften per casus. |
| 80-95 min | Pauze / reflectie | Stilte of pauze rond zichtbare patronen en ontbrekende perspectieven. | Ruimte voor ordening. |
| 95-120 min | Spanningsvelden benoemen | Ethische, organisatorische en veranderkundige spanningen per situatie onderzoeken. | Inzicht in dilemma's en randvoorwaarden voor leren. |
| 120-140 min | Ontwerpcriteria bepalen | Benoemen waaraan een goed LLO-aanbod moet voldoen. | Set ontwerpcriteria voor het leerontwerp. |
| 140-165 min | Concept-learning journey schetsen | Leerinterventies ordenen in een logische leerroute voor verschillende rollen of niveaus. | Eerste opzet van de learning journey. |
| 165-180 min | Afronding en ontwerpvragen | Bepalen welke bouwstenen, aannames en randvoorwaarden in sessie 3 moeten worden uitgewerkt. | Conceptontwerp en werkagenda voor review en borging. |
Stappen
De casussen worden behandeld als leersituaties en daarna verbonden met leerdoelen, werkvormen en een eerste route.
De facilitator koppelt de perspectieven uit sessie 1 aan de praktijksituaties die verdieping vragen.
Per situatie worden context, betrokken rollen, aanleiding, handelingsvraag, kennisvraag, oordeelsvraag, verandervraag en leiderschapsvraag beschreven.
De casussen worden vertaald naar competenties: weten, kunnen, beoordelen, bespreken en begeleiden.
Deelnemers onderzoeken spanningen zoals menselijke maat versus efficientie, autonomie versus standaardisatie en experimenteren versus veiligheid.
Deelnemers benoemen criteria zoals praktijkgerichtheid, rolgerichtheid, werkbaarheid, veiligheid, toepasbaarheid, schaalbaarheid en borging.
De groep ordent leerinterventies in fasen zoals bewustworden, begrijpen, beoordelen, toepassen, leiden en borgen.
De groep bepaalt welke leerbouwstenen en randvoorwaarden in sessie 3 concreet uitgewerkt en beoordeeld moeten worden.
Werkvormen
De methoden verbinden AI en LLO met herkenbare zorgpraktijken en een eerste ontwerp.
Een canvas waarmee een praktijksituatie wordt vertaald naar rollen, vragen, dilemma's en leerbehoeften.
Per situatie wordt onderzocht welke kennis, vaardigheden, houding, oordeelsvorming, samenwerking en leiderschap nodig zijn.
De groep ontwerpt een eerste leerroute met fasen, doelgroepen, leerdoelen, werkvormen en praktijkkoppeling.
Kernopbrengst
De sessie levert uitgewerkte praktijksituaties, competentieclusters, spanningsvelden, ontwerpcriteria en een eerste concept-learning journey op.